Vandaag 40 jaar geleden, op 20 november 1969, opende Marinekazerne Vlissingen voor het eerst zijn poorten. Aanvankelijk fungeerde de kazerne als uitvalsbasis voor mijnenjagers en –vegers. Tegenwoordig biedt de marinekazerne logistieke ondersteuning aan de bemanningen van marineschepen die bij Damen Naval Shipbuilding in aanbouw, voor onderhoud of ter reparatie liggen.
Het personeel van Marinekazerne Vlissingen staat vandaag met hoogwaardigheidsbekleders uit de stad en provincie stil bij het jubileum.’s Middags ligt de nadruk op het verleden, tijdens de reünie voor oud-geplaatsten. De Steelband van het Korps Mariniers luistert de festiviteiten muzikaal op.
Verleden
De band tussen Vlissingen en de marine is eeuwenoud. Zo is het de geboortestad van de admiraals Johan Evertsen(1600-1666) en Michiel de Ruyter (1607-1676). Na een onderbreking tijdens de Tweede Wereldoorlog keerde de matrozenopleiding van de marine in 1951 terug in de stad. De haven lag vol mijnenvegers en –jagers én ook de duik- en demonteergroep opereerde vanuit Vlissingen. Het was het begin van het tweede marineverleden van de Scheldestad, dat tot de dag van vandaag doorloopt.
Omdat het logementschip, de oude kruiser Hr. Ms. Jacob van Heemskerck, door veroudering niet langer geschikt was als uitvalsbasis, werd in 1965 besloten tot de bouw van een kazerne aan de monding van de Westerschelde. De officiële opening werd 40 jaar geleden verricht door de eerste commandant, kapitein-ter-zee J.W. van der Graaf.